Basisonderwijs  
Rekenpilots
Gedachtenvol oefenen

Garssen en Ter Selle

'Zet een stip bij de makkelijke sommen'
Gedachtenvol oefenen stimuleert kinderen om niet direct te gaan rekenen

Bij ‘oefenen' in de rekenles denken we al snel aan kinderen die rijtjes met sommen maken. Je begint linksboven en je bent klaar als je de som rechtsonder af hebt. Francien Garssen en An te Selle willen meer: gedachtenvol oefenen.

Gedachtenvol oefenen is het oplossen van rekenwiskundige opgaven door eerst te kijken naar de getallen en de som en de relaties tussen sommen. De vraag is telkens:  wat roept een getal of een combinatie van getallen en een bewerking bij je op? "Bij het oplossen van rijtjessommen leggen de meeste kinderen geen relatie tussen opgaven als 75x484 en 0,75x484 en 80x33 en 80x11. Dat is jammer, want er valt veel meer over de antwoorden te vertellen dan dat ze goed of fout zijn."

Handig en verstandig

Francien Garssen en An te Selle zijn beide docent rekenwiskunde didactiek aan de Stenden hogeschool. Zij werkten in het HaVER-project samen met onderzoekers van het Freudenthal Instituut en een collega van hogeschool Helicon aan manieren om kinderen handig, verstandig en effectief te laten rekenen. Een van de doelen van dit project was te ontdekken hoe je ervoor kan zorgen dat kinderen naar getallen kijken voordat ze gaan rekenen. En dat kinderen vervolgens gebruik maken van de eigenschappen van de getallen en de bewerkingen bij het rekenen.

Eerst nadenken, dan rekenen
"Met gedachtenvol bedoelen we niet aandachtig, maar vol met gedachten over de getallen en bewerkingen. Leerlingen zijn prima in staat dat te doen", aldus Francien. "Dat moet je stimuleren! Het  is ook bij leerkrachten een leerproces. We lieten hen zelf ervaren wat er gebeurt als je rijtjessommen oefent. Ook zij keken vaak helemaal niet naar relaties. We vroegen  hen hun methode mee te nemen en gaven de opdracht ‘Zoek iets wat je komende week gaat doen en waarvan je niet verwacht dat kinderen gaan nadenken, maar waarbij ze alleen gaan rekenen. Probeer vervolgens de opdracht zo te veranderen dat kinderen wel gaan nadenken'"

Oefenrijtjes
Oefenen is eigenlijk het eindstadium van het leerproces. Als leerkrachten ontdekken waarom kinderen daarbij geen handige strategieën gebruiken, worden ze vanzelf uitgedaagd om na te gaan denken over de manier van aanbieden en over het onderwijs dat hieraan is vooraf gegaan. "We gaven leerkrachten ideeën voor verschillende oefenrijtjes. Door de suggesties werden ze creatiever en gingen ze zelf variaties bedenken. Er zijn mogelijkheden te over om ervoor te zorgen dat de oefenrijtjes gedachtenvoller worden benaderd.

Verbanden zien
Francien en An hebben samen met de leerkrachten uit het verbetertraject zo'n vijftien ideeën voor gedachtenvol oefenen ontwikkeld. "'Bij het werken in tabellen: Begin met een som waarvan je denkt, die weet ik wel. En zet stipjes in elke hokje waarvan je denkt, die weet ik nu ook wel' of ‘Maak alleen de sommen waarvan de uitkomsten in de tafel van tien voorkomen.' Als leerkrachten opdrachten geven die kinderen er toe aanzetten om meer gebruik te maken van de eigenschappen van de getallen en de eigenschappen van de bewerkingen, stimuleren ze hen om de verbanden tussen de verschillende opgaven te zien." Dit effect wordt versterkt wanneer kinderen gelegenheid krijgen om hierover met elkaar van gedachten te wisselen.

Rijtjes nabespreken
"Je moet leerlingen eerst leren kijken naar een rijtje, naar getallen en de bewerkingen. En het is belangrijk om sommen en oefeningen na te bespreken. Gelukkig geeft gedachtenvol oefenen gerichte gesprekstof met de klas. Dat gesprek gaat vooral over het herkennen van patronen en structuren: ‘Hoe weet je nu eigenlijk dat het antwoord in de tafel van tien zit? Hoe herken je dat?' ‘Als je die opgave maakt en je ziet een paar andere getallen die net even hoger zijn, wat weet je dan over de uitkomsten?' Door dat met de kinderen te bespreken komen ook andere kinderen op ideeën om zo te gaan werken. Het is een manier om tegemoet te komen aan differentiatie in de groep. Kinderen kunnen zelf meer invloed uitoefenen en dat geeft ze zelfvertrouwen."

Relatie met andere vakken
"Soms komt er een leerkracht naar me toe, die zegt: ‘De kinderen passen spellingsregels zo slecht toe, hoe krijg ik ze daarover zelf aan het nadenken?" Francien denkt en hoopt dat gedachtenvol oefenen ook bij andere vakken mogelijk is. "De inhoud is anders, maar het proces van verbanden en patronen is bij andere vakken natuurlijk hetzelfde. Door klein te beginnen kan de leerkracht groeien in een andere houding. Francien en An stimuleren dus allereerst bij leerkrachten om zo te gaan denken. Dat kan lastig zijn als een leerkracht vooral is gericht op kennisoverdracht: Door van te voren te vertellen hoe je de patronen kan herkennen, haal je heel veel kracht uit de gedachten van de kinderen". Ook het vooral zelfstandig laten werken van leerlingen bij rekenen kan het lastig maken om gedachtenvol oefenen te stimuleren. "Als een kind op eigen tempo door het boek heen gaat of met weektaken werkt, mis je de uitwisseling met de groep over de ontdekte patronen en het leren van elkaar."

Automatische piloot
Het uitgangspunt van gedachtenvol oefenen wordt in de meeste methoden gebruikt en in de handleidingen staan veel handreikingen om het te doen. Maar door het een andere naam te geven en leerkrachten handvaten te geven, is het voor hen als het ware een bril geworden om naar de rijtjes te kijken en kinderen deze zo te laten maken, dat ze meer blijven denken terwijl ze aan het doen zijn.  Francien: "Leerkrachten gaan er anders door naar de methode kijken en kinderen worden enthousiaster: ‘Juf, gaan we weer rekenen zoals gisteren?' Als ze zelf meer denken gaan ze niet meer op de automatische piloot door de rijtjes heen en maken ze minder domme fouten."



Gedachtenvol oefenen sommen solo
Maak alleen die sommen waarvan het antwoord in de tafel van tien voorkomt.
© Projectbureau Kwaliteit | Disclaimer | Contact